Twitter

twitterIk had nooit zoveel met twitter. In 2011 maakte ik in een opwelling een account aan. Drie jaar later heb ik een ongeveer twintig volgers en ben ik zeven hele tweets verder. Maar nu ik besloten heb naar buiten te treden met mijn schrijfactiviteiten wil ik dat professioneel aanpakken. En daar hoort twitter bij. Dus meld ik me aan voor een individuele twitterworkshop bij Corrie Gramser van Zinexprez.

Wat wil ik?
Alles begint met de eerste vraag: ‘Wat wil je bereiken met Twitter?’
Twitter lijkt mij vooral een simpele manier om snel een grote groep mensen te kunnen bereiken.
Ooit hoorde ik in een radio-interview verkoopcijfers van de thrillers van Simone van der Vlugt. Per boek verkoopt ze al gauw 200.000 tot 300.000 exemplaren. De getallen zijn blijven hangen.
‘300.000 volgers,’ grap ik.
Corrie reageert droogjes. ‘Daar gaan we aan werken.’

 Wie wil ik zijn?
Mijn profielfoto dateert nog uit de tijd waarin ik mijn eerste voorzichtige schreden op het internet zette. Anoniem, en niet helemaal herkenbaar.
Dat moet anders, vindt Corrie. Mensen willen zien met wie ze te maken hebben. Meestal ben ik niet zo enthousiast over mijn eigen foto’s, maar een vriendin biedt uitkomst. Daarmee ben ik er nog niet: behalve een profielfoto moet er ook een omslagfoto komen. Een afbeelding die iets over jezelf vertelt. Het is even puzzelen, maar ook daar kom ik uit. Eén van de wonderschone plaatsen op aarde die ik ooit bezocht. En toegegeven, het spreekt me direct al meer aan dan een saaie blauwe achtergrond.
Tot slot de bio: welke informatie geef ik over mezelf prijs? Ik bedenk een tekst, kan hem altijd later nog veranderen.

Volgen en gevolgd worden
Twitter-etiquette vereist dat je je volgers terug-volgt. Met mijn twintig contacten is dat niet zo’n probleem, al maak ik een uitzondering voor het enkele bedrijf dat mij puur om commerciële redenen heeft toegevoegd. Corrie legt uit hoe ik lijsten kan maken om mijn volgers te groeperen. Ze laat me zien hoe ik privé-berichten kan versturen, wat de bedoeling is van de mentions (@) en de hashtags # en hoe ik iemand kan ontvolgen of zelfs blokkeren.
Ik hang aan haar lippen en verstuur ter plekke een volgende tweet. Er kan meer met Twitter dan ik van tevoren zelfs maar kon vermoeden.

Wat tweet je?
Mijn grootste probleem met twitter was de eindeloze stroom redelijk nietszeggende berichtjes. Maar wat is nu een goede tweet? Op berichten over de samenstelling van mijn diner zit de wereld niet te wachten. Maar waar loopt de grens tussen ‘kijk mij eens leuk bezig zijn’ en serieuze aandacht voor promotieactiviteiten?
En hoe vaak tweet je eigenlijk?Een tweet heeft een levensduur van hooguit tien a vijftien minuten. Meerdere tweets per dag zijn dus niet overbodig. Gelukkig zijn er handige tools, zoals een bufferapp, waarmee je meerdere berichten van te voren klaar kunt zetten. Dat gaat dan wel ten koste van de actualiteit, maar scheelt een hoop tijd. 

De praktijk
Ik zet een aantal tweets klaar en ga actief op zoek naar mensen die ik wil volgen door in mijn kleine netwerk te kijken. Van twitter ontvang ik regelmatig mails met suggesties, ook daar vind ik waardevolle contacten.
Met verbazing zie ik hoe mijn netwerk groeit. Anders dan bij platforms als Facebook en LinkedIn kom ik hier vooral in contact met mensen die ik nog niet ken. Er blijkt een grote community te bestaan van gelijkgestemden: mensen die van boeken houden en dol zijn op lezen en schrijven.
De workshop ligt inmiddels een week of vier achter me. Met regelmaat stuur ik tweets de wereld in of retweet ik interessante meldingen van anderen. Mijn volgersaantal is vermenigvuldigd. Al zal het nog wel even duren voor de 300.000e volger in zicht is.

 

Geplaatst in Geen categorie | 3 reacties

Eenzaam

‘Is het niet eenzaam, dat schrijven?’ vragen mensen soms. ‘Ik zou het niet kunnen hoor, hele dagen in je eentje achter die computer.’

Meestal schiet ik in de lach bij zo’n opmerking. Eenzaam? Alleen? Niets is minder waar. In mijn hoofd verdringen de personages zich, de één na de ander vraagt om aandacht. Martijn, de 25-jarige hoofdpersoon uit een van mijn verhalen, is hopeloos verliefd op Silke, maar waarom lukt het dan niet tussen die twee? Heeft dat te maken met Larissa, Silkes vriendin, die een oogje heeft op Martijn? En hoe moet het met Ernesto, mijn Cubaan, gaat hij het redden in Nederland? Of keert hij gedesillusioneerd terug naar zijn vaderland?

Hoe ontstaan personages?
Er zijn veel manieren om personages te creëren. Internet biedt een schatkist aan oefeningen, je vindt ze bijvoorbeeld bij Schrijvenonline.

Personages kunnen lijken op je baas, je buurvrouw of een leraar van jaren geleden.

teacher

Ze kunnen ook helemaal uit je eigen fantasie ontstaan. Personages kunnen vreemde afwijkingen hebben, of redelijk geslaagd meedraaien in de maatschappij. Als ze maar een allesverzengende drijfveer hebben.Sommige schrijvers werken van tevoren complete biografieën uit, bij anderen ontstaan de personages tijdens het schrijven van het verhaal. En daar kunnen allerlei varianten tussen zitten. Mijn eigen werkwijze houdt het midden tussen schrijvenderwijs ontdekken hoe mijn karakters in elkaar zitten en vooraf complete schema’s bedenken.

Intuïtie?
Het is een meisje en ze heet Marente. Met die wetenschap word ik op een ochtend wakker. Marente zal een grote rol spelen in de roman die ik wil gaan schrijven. Ik zie haar voor me; ze is blond, licht, vrolijk, speels en drieëntwintig. Op straat, op terrasjes of in een bioscoop kijk ik net iets alerter om me heen. Ik zie types die op haar lijken. Soms hoor ik een uitspraak die van haar zou kunnen zijn, maar ze is het telkens net niet. Gaandeweg krijgt ze meer vlees op haar botten. Ik ontdek welke opleiding ze heeft gedaan, en hoe ze een haat-liefde verhouding heeft met haar oudere zus. Belangrijker voor mijn verhaal is haar relatie met haar veel te vroeg overleden vader – en de stiefvader die daarna kwam.

Lastige type’s
Het is niet altijd zo eenvoudig. Marente’s tegenspeler, Jurre, kost me aanvankelijk meer moeite. Een man, begin veertig, die in eerste instantie Jasper heet. Tot ik na een paar dagen besluit dat Jurre passender is. En als de naam eenmaal klopt, kost Jurre’s levensloop me ook weinig moeite meer. Ik weet zelfs al waar Marente en Jurre elkaar zullen ontmoeten, welke problemen er in de weg staan en hoe het zal eindigen.

Toch wil ik nog niet beginnen met het echte schrijfwerk. Er zijn meer mensen die een rol spelen in dit verhaal. Marente’s moeder, Simone, krijg ik nog niet helder. Haar zus, Tamara, is vooral druk met haar carriere, zij zal slechts een bijrol spelen. Maar de overleden vader, Theo, mag er dan fysiek niet meer zijn – hij is wel degelijk belangrijk. Wie was hij? En hoe zit het met zijn beste vriend, Ronald? Die is na Theo’s dood met diens weduwe, Simone getrouwd.

Een beetje van jezelf…
‘Je schrijft toch vooral over jezelf.’ Ook dat is een opmerking die ik vaak hoor. Ik ben er nog niet helemaal uit. Waarschijnlijk zit in ieder personage dat ik bedenk wel een stukje van mezelf. Alles wat ik schrijf, heb ik tenslotte zelf bedacht. Maar schrijven biedt óók de mogelijkheid om in de huid van iemand anders te kruipen – iemand die anders denkt, anders leeft, anders reageert.

Drukte
Als ze er eenmaal zijn, laten de personages zich niet zo makkelijk wegduwen. Niet alleen tijdens mijn schrijfuren, ook in mijn dagelijks leven zitten ze in mijn hoofd. Als ik in mijn persoonlijke leven geconfronteerd wordt met een vervelende buurman, vraag ik me af hoe Simone daarop zou reageren. En op een dansavond zie ik ineens Marente op de dansvloer voor me.

Met Martijn, Silke en Ernesto is het overigens uiteindelijk goed gekomen. Nu zij hun vorm hebben gekregen in afgeronde verhalen, kan ik ze langzaam maar zeker loslaten. Al kun je je afvragen in hoeverre een verhaal ooit écht af is – maar daarover een volgende keer.

Geplaatst in Schrijversleven | Een reactie plaatsen