‘Werk je nog aan je nieuwe roman?’
Die vraag krijg ik regelmatig. Het antwoord is ja. En toch ook weer niet.
De roman is niet verdwenen. De personages zijn nog altijd even levendig en ook de drie verhaallijnen wachten tot ik ze weer oppak. Toch heb ik er de afgelopen tijd bewust wat afstand van genomen. Dit verhaal heeft tijd nodig heeft om te groeien.
Deze nieuwe roman is geen eenvoudig project. Met drie verhaallijnen, verschillende tijdlagen en een deel dat zich in Spanje afspeelt, is dit het meest ambitieuze project dat ik tot nu toe ben begonnen. Juist daarom vond ik het verstandig om even op de rem te trappen.
In plaats van verder te werken aan de roman ben ik begonnen aan een novelle. Ook daarin spelen drie personages een belangrijke rol, maar het verhaal is compacter en overzichtelijker opgebouwd. Het mooie van een novelle is dat je veel sneller in het hart van het verhaal zit. Er zijn minder zijpaden en minder losse eindjes om in de gaten te houden. Dat geeft rust.
Dat betekent niet dat de roman uit mijn gedachten is verdwenen.
Terwijl ik aan de novelle werk, merk ik dat er af en toe zomaar een oplossing voor de roman opduikt. Tijdens een wandeling. In het zwembad. Of wanneer ik een boek lees dat niets met mijn eigen verhaal te maken heeft. Ineens valt een scène op zijn plaats of zie ik hoe twee verhaallijnen beter met elkaar verbonden kunnen worden.
Een verhaal werkt ook door als je er niet achter je toetsenbord mee bezig bent.
Veel schrijvers zullen dat herkennen. Soms probeer je een probleem krampachtig op te lossen en lukt het niet. Pas wanneer je het loslaat, ontstaat er ruimte voor nieuwe ideeën. Achter de schermen werkt het verhaal door.
Deze pauze is dus geen stilstand, maar een voor mij onmisbaar onderdeel van het schrijfproces. We praten graag over inspiratie, over het schrijven zelf en uiteindelijk over het verschijnen van een boek. Maar de periodes waarin een manuscript even dicht blijft, horen er net zo goed bij. Een verhaal laat zich nu eenmaal niet altijd dwingen.
Dus ja, de roman ligt even in de la. Ik vertrouw erop dat hij daar precies lang genoeg ligt. Tot het moment waarop ik de la weer opentrek, het laatst geschreven hoofdstuk lees en weet dat het tijd is om verder te gaan.
